Woord vooraf

Een blog over de Agion Oros (Athos), de Tuin van de Moeder Gods, het spirituele centrum van het oosters-orthodoxe christendom.
En dus ook over kloosters, pelgrimeren en ikonen. (Tekst in geel bevat een link)
Wilt u op de hoogte blijven van nieuwe blogs? Abonneer u onderaan deze pagina.

woensdag 26 januari 2011

6 - BRAND IN EEN KELLÍ VAN HET ATHOSKLOOSTER VATOPEDÍOU


Dinsdagochtend is brand uitgebroken in het klooster Vatopaidíou op de Agion Oros, in een cel (kellí) waar een monnik verbleef. De oorzaak is een oude houtkachel.
De monnik raakte licht gewond toen hij probeerde het vuur te doven. Hij werd voor eerste hulp overgebracht naar het Gezondheidscentrum van Ouranoúpoli.
Het vuur verwoestte de kamer volledig en veroorzaakte materiële schade in de gang van het gebouw. Monniken grepen met hulp van de brandweer snel in en kregen het vuur onder controle. De dreigende verdere uitbreiding van de brand naar de overige cellen werd zo voorkomen.

Bron/Laatste informatie: woensdag 26 januari 2011, 8.25 uur: http://www.zougla.gr/page.ashx?pid=2&aid=245711&cid=4 ;11.02 uur http://www.agioritikovima.gr/site/index.php?option=com_content&view=article&id=1568:fotia-se-keli-monaxou-sto-vatopedi&catid=99:news&Itemid=369#comments

woensdag 19 januari 2011

5 - DE THEOFÁNEIA, DE WATERWIJDING, OP DE AGION OROS

Vandaag, 19/6 januari, werd op de Agion Oros het feest van de Theofáneia met de waterwijding gevierd. Het is het feest van het Licht (Τα Φώτα/ta Fóta) en de herdenking van de Doop van Jezus, door Ιωάννης ο Πρόδρομος/ Ioannis de Voorloper, in de Jordaan. Jezus openbaarde zich hier voor het eerst als de Zoon van God.  
                            De Doop/Η Βάπτιση (Theofánis de Kretenzer, I.M. Stavronikíta, 1546)

In het klooster Vatopedíou werd eerst het water gewijd in de fiáli:

Processie met ikonen naar het haventje (αρσανάς/arsanás) van het klooster


Pelgrims (er waren er meer dan 170) sprongen in het koude water om het kruis op te duiken



Bron http://hellas-orthodoxy.blogspot.com/2011/01/blog-post_1756.html

woensdag 12 januari 2011

4 - PRIJS VOOR DVD OVER DE ZAAK ESFIGMÉNOU


Afgelopen zomer (2010) kreeg ik op Athos een prachtige DVD over de kwestie Esfigménou.  De documentaire (2009) is in het Grieks, zonder ondertiteling, en hij heeft ook prachtige beelden: ει έχεις καρδίαν, δύνασαι σωθήναι... (als je een hart hebt, kun je gered worden...). Hij is gemaakt door Níkos Anagnostópoulos. Duur 60 minuten. Zie hier de trailer:


Onlangs is de film in Moskou, op een filmfestival met 250 andere documentaires, met een prijs geëerd.

Zie ook de Vrienden van I.M. Esfigménoublog: http://esphigmenoufriends.blogspot.com/2011/01/blog-post.html en http://athosesphigmenou.blogspot.com/2009/12/n.html

3 - KERSTFEEST IN (DE KONAKI VAN) I.M. ESFIGMÉNOU

Op de zondag na het Geboortefeest van de Heer (27 december/9 januari) vierde de Metropoliet van Tripoli (Lybië) Theofílaktos de Goddelijke Liturgie in het 'consulaat' van I.M. Esfigménou in Kariés.






  




















De Metropoliet van Dráma Pavlos en de Proto-epistatis van de Ágion Oros, Pavlos, bezochten tijden de Kerstdagen het consulaat. Rechts abt Vader Chrisóstomos.

















zondag 2 januari 2011

2 - AGION OROS (ATHOS) IN HET NEDERLANDS, BOEKEN, ARTIKELEN

Ik heb een lijst gemaakt met alle Nederlandstalige boeken en artikelen over Athos die ik ken. (Versie 1 januari 2011)
Op de site van Wim Voogd: Athos Agion Oros staat een geweldige verzameling van ook niet-Nederlandse boeken.
   
Vader Adriaan, Reizen, Athos 1974, Den Haag 2008. Zie http://www.valdyas.org/vader_adriaan/index.html
Alma, Hans, Het heilige schiereiland, in: In de schaduw van Hellas, Amsterdam ca 1955, pp 181-206
Anonymus, Zij slapen tegen een touw, in: Revue (1963/64/65?) pp 24-27. Zie Athos Agion Oros 622
Bos, Rolf, en Peter van den Hazel, Athos, foto’s en gedichten, Amstelveen 1981. Zie athos.web-log.nl 333
Bos, Rolf, en Paul Robert, Athos. Fotografie op een Heilige Berg, in: Plaatwerk, september 1986. Zie athos.web-log.nl 290 
Bos, Rolf, Een theocratisch paradijs, in: de Volkskrant 21 juni 2007
Bos, Rolf, God woont om de hoek, in: de Volkskrant 28 juni 2007
Bos, Rolf, Damesvoeten betreden heilige grond, in: de Volkskrant 10 januari 2008
Brekelmans, I. Pelgrimeren naar de Berg Athos, Den Dungen 1995, pp 269 (verslag van twee reizen in de jaren tachtig)
Brenninkmeijer, Paul, Gastvrijheid en spiritualiteit. Bezoek aan de berg Athos, in: Pokrof 4(2004) pp 4-6
Breukel, Thom, Op de Heilige Berg Athos, in: Eikonikon 13(1989) pp 10-11, 19(1990) pp 9-10
Doolaard, A. den (tekst) en Cas Oorthuys, De Heilige Berg Athos, in: Dit is Griekenland, het vasteland, Amsterdam/Antwerpen 1958, pp 84-93
Doolaard, A den (tekst) en Cas Oorthuys, Bezoek aan de Heilige Berg, in: Katholieke Illustratie 12 december nr 50 (1959) pp 4-8. Zie Athosweblog.com 646
Doolaard, A. den (tekst) en Cas Oorthuys, Athos: eiland van stilte, in: Katholieke Illustratie 19 december nr 51 (1959) pp 43-47. Zie Athosweblog.com 649
Doolaard, A. den, De berg der rimpelloze stilte, in: Grieken zijn geen goden, Amsterdam 1960, pp 242-267
Enzinck, Willem, Athos, in: Griekenland, Europa's laatste paradijs, Delft 1956, pp 255-281
Geldermans, Raymond, Athos, citadel der Orthodoxie II, het heden, in Streven 15(1961-1962), pp 329-338
Geldermans, Raymond, Athos, ark der orthodoxie, in: Pokrof 49(2002) pp 10-12
Greeve, H. de, Athos. Een inleiding, Amsterdam 1967. Zie athos.web-log 578
Hasselt, Frans van, 1963, in: Griekse Tijd, Amsterdam 1985, pp 36-42
Hokwerda, Hero, Athos, van verval tot nieuwe bloei, in: Lychnari 3(1993) pp 23-24
Hunink, Vincent: Nieuwe tijden op Athos, Streven 65(1998) pp 597-609

Jongh, Brian de, De berg Athos. Een reisjournaal, in: Agongids voor het Griekse vasteland, Amsterdam 1989, pp (229-)234-269
Kerkhof, Theo van de, Berg Athos maakt ruimte voor het andere, in: Volzin 19 mei 5(2006) pp 20-21
Kinnet, Alex, Verslag verblijf op de Agion Oros/Heilige Berg Athos (september 2000), in: Eikonikon 71(2001) pp 15-18
Lecq, J.B. van der (1936-2019), Athos herbeleefd, in: Sjofar 31(2003) pp 9-11, 32(2003) pp 9-10
Lecq, Hans, van der, Hoe heilig zijn de monniken van Athos? Bergkloosters onder druk, in: Griekenland Magazine, winter 8(2010) pp 28-31
Loon, Wim van, Bezoek aan de Heilige Berg Athos, in: Op Weg 49(1995) p 3, Bezoek aan de Heilige Berg Athos. Een impressie, in: Eikonikon 77(2002) pp 16-17Katastrofale brand op Athos, in: Eikonikon 84(2004) pp 5-6, Weerzien met Athos en de ikoon Áxion Estín, in: Eikonikon 85(2004) p 3, Een cel op de Heilige Berg Athos: Vader Efthímios en de Heilige Artémios, in: Eikonikon 93(2006) pp 10-11, Theofánis de Kretenzer en Athos. Een schilder-monnik op de Agion Oros, in: Eikonikon 107/108(2010) pp 12-15, Axion Estín, in: Eikonikon 119(2013) pp 8-9, De Heilige Oudvader Porfírios Kafsokalivítis: een nieuwe orthodoxe heilige, in: Eikonikon 122(2014) pp 3-5 
Masmeijer, Pieter, Athos en de wereld. Een impressie, in: Eikonikon 38(1994) p 11
Masmeijer, Pieter, Ziel van Athos. De monnikenberg in Griekenland, Amstelveen 1995, pp 23 (jubileumboekje)
Perk, Nico van der, Christoforos. Een diaconale ikoon op Athos, in: Eikonikon 91(2006) pp 8-9
Pet, Paul C., Athos, het duizendjarig rijk, in: De Kampioen december (1965) pp 687-690
Roos, Henk, Athos. Wandelingen door de Tuin van de Heilige Maagd, in: Eikonikon 66(2000) pp 11-16, 67(2000) pp 3-8, 68(2000) pp 10-14
Scholte, Henrik, De duizendjarige monnikenrepubliek van Athos, in: Scholte's Griekenland, Amsterdam 1976, pp 81-89 (reisgids)
Scholte, Henrik, De duizendjarige monnikenrepubliek van Athos, in: Scholte's Griekenland, Utrecht/Antwerpen 1987, pp 284-291 (reisgids herzien)
Theunissen, W.P., Monnikenrepubliek van den Berg Athos, Den Haag 1944, pp 120. Zie athos.web-log 61
Theunissen, W.P., Op de Heilige Berg Athos. In de Tuin van de Moeder Gods, Den Haag 1965, pp 142. Zie athos.web-log 389, 408
Theunissen, W.P., en J. Hartog, De Heilige Berg, Rotterdam 1951, pp 295 (bundel artikelen). Zie athos.web-log 632
Thiry, August, Ketters op de heilige berg, in: Grieks vuur, Leuven 2001, pp 53-117
Veen, Koert ter, Athos, monnikeneiland, Soesterberg 2001, pp 319. Zie athos.web-log.nl 315, 61 en Bonder werd kluizenaar 
Verheijen, Ton, Athos, waar de tijd al tien eeuwen stil staat, in: Griekenland Magazine, herfst 2(2004) pp 18-25
Voogd, Fanta, Mannen zonder vrouwen, in: Forum 19 juli 1990, pp 8-10. Zie athos.web-log.nl 4
Waele, Ferdinand Jozef de, In het ongerepte natuurpark van Griekenland, in: Pelgrimstocht door Hellas, Tielt 1950, pp 163-172
Wolff, Guillaume de, Pelgrim op Athos, in: Benedictijns Tijdschrift 68(2007)3, pp 110-

Vertaald
Anonymus (M.A.Proust), Bezoek aan den berg Athos, de aarde en haar volken 1873 (E-boek). Zie ook: athos.web-log.nl 1077
Dalrymple, William, Klooster Iviron, Berg Athos, Griekenland, 29 juni 1994, in: In de schaduw van Byzantium, Amsterdam/Antwerpen 1998, pp 13-32
Kazantzákis, Níkos, Mijn vriend de dichter-De Heilige Berg Athos, in: Verantwoording aan El Greco, Groningen 1997, pp 146-180
Draper, Robert en Travis Dove, De Heilige Berg Athos, in: National Geographic Magazine december (2009) pp 146-161. Foto's op website NG 
Schildt, Göran, De Heilige Berg, in: De zee van Ikaros, Deventer/Amsterdam ca 1955, pp 57-68
Schildt, Göran, De monnikenrepubliek Athos (1954), in: Met de Daphne in zestien landen, Deventer/Amsterdam 1962, pp 200-210 
Theotokás, Yórgos, Athos. Een reisverslag (1961), Groningen 1990, pp 63
 
Websites
http://athosweblog.com/

zaterdag 1 januari 2011

1 - HEILIGE VASÍLIOS DE GROTE- ΑΓΙΟΣ ΒΑΣΙΛΕΙΟΣ/ΑΓΙΟΣ ΒΑΣΙΛΗΣ Ο ΜΕΓΑΣ

1 januari: feest van Vasílios (Vasílis) van Kaisarea, ook de Heilige Basilios de Grote (Grieks: Άγιος Βασίλειος ο Μέγας) en Vader van het Oosterse Monastieke Leven genoemd. Kaisarea (Kappadokië), ca. 330-379. Heilige en kerkvader.



Een goed nieuwjaar 2011, met liefde en vrede/καλή χρονιά, με αγάπη και ειρήνη!    
Χρόνια πολλά


zondag 26 december 2010

15 - THEOFÁNIS DE KRETENZER EN ATHOS, EEN SCHILDER-MONNIK OP DE AGION OROS

I.M. Stavronikíta
Vroeg in de ochtend, op de grens van donker en licht, sta ik in het katholikon van het Athosklooster Stavronikíta. De monniken lezen en zingen de metten en de lucht ruikt naar wierook. Ik ben omgeven door het werk van de grote agiograaf/ikoonschilder Theofánis Strelítzas (ook wel: Bathás), beter bekend als Theofánis de Kretenzer. Het is imponerend en rustgevend tegelijk.


Op de muren van de kerk is geen plekje blanco: heiligen, bijbelverhalen, Patriarch Ieremías I die Theofánis uitnodigde zijn kerk te verfraaien (1545). Iedere vierkante centimeter is onderdeel van een muurschildering. Ikonen van de hand van Theofánis zijn er ook. Op de ikonostasis alleen al zo’n achttien.

Bovendien hangt schuin tegenover mij, tegen een grote pilaar, mijn favoriete ikoon van de Moeder Gods met Kind (Odigítria, Zij die de weg wijst). Het is de originele versie (neem ik aan) van de hand Theofánis, die mijn favoriete ikoonschrijver/schilder is. Samen met een zoon werkte hij gedurende de jaren 1545-1546 aan de muurschilderingen in de kerk en de trápeza (eetzaal) van het klooster. Helaas is een groot gedeelte hiervan verloren gegaan.

De ikonostasis dateert ook uit genoemde periode. Geleerden zijn daarom van oordeel dat de Odigitria-ikoon ook uit die tijd stamt en ook van Theofánis’ hand is. Thuis heb ik een kleine versie van de hand van ikoonschilder Jan Verdonk, van dierbaren gekregen voor mijn vijftigste verjaardag.
Theofánis de Kretenzer wordt algemeen erkend als de toonaangevende figuur in de muur- en ikoonschilderkunst van de zestiende eeuw en zeker ook als de belangrijkste en invloedrijkste vertegenwoordiger van de Kretenzische School. In dit artikel wil ik vooral aandacht geven aan Theofánis activiteiten als ikoonschilder. Ik zoek daarbij een antwoord op vragen als: wat is er bekend over zijn ikonen en waar zijn die te zien. Ook op de vraag of het belangrijk is dat we namen en jaartallen zo precies weten, probeer ik een antwoord te vinden.

I.M. Stavronikíta, trápeza

Theofánis’ leven en werk
Ondanks zijn erkende meesterschap is er weinig over Theofánis bekend. Hij werd -voor 1500- geboren in Candia (Iraklion), Kreta. Dat Griekse eiland was in die tijd het belangrijkste centrum van de productie en verspreiding van ikonen. Al zijn bekende werk (muurschilderingen) is echter te vinden op het vasteland van Griekenland, met name in de kloosters van Metéora en Athos. Dat werk kan gedateerd worden in de periode 1527-1546.


Over zijn persoonlijke leven weten we echter nauwelijks iets. Feitelijk alleen dat hij twee zoons had, Symeón en Neófytos, uit een huwelijk waarover niets bekend is, en dat hij in 1527 monnik wordt genoemd. In die tijd moet hij ook agiograaf geworden zijn. 
I.M. Megístis Lávras
Verder lijkt het wel duidelijk dat Theofánis (en zijn zoons) in 1535 inmiddels monnik van het klooster Megístis Lávras op Athos zijn. Hij schilderde en signeerde er de muurschilderingen van het katholikon in dat jaar. De meningen van de wetenschappers zijn verdeeld over zijn activiteiten in de trápeza. De Megístis Lávras-archieven vermelden nog dat hij in 1536 een káthisma voor hemzelf en zijn zoons verwierf en dat hij in 1540 een stuk land kocht. Dat hij midden jaren veertig in het Stavronikítaklooster werkte weten we uit de kloosterverslagen van die tijd. Zijn zoon Symeón wordt daarin als zijn assistent vermeld. Uiteindelijk keerde hij toch vlak voor zijn dood (1559) naar zijn geboortegrond, naar Kreta, terug. De Venetiaanse archieven vermelden dat hij zijn zoons een aanzienlijk vermogen naliet.

Mijn toeristengids van Metéora vat het leven van Theofánis kort en bondig zo samen: Hij trouwde en werd vader van twee kinderen, maar later volgde hij zijn diep religieuze gevoelens en koos voor het kloosterleven. Zijn zoons leerden van hem de kunst van het schilderen van heiligen en zetten later het werk van hun vader voort.


De oudste bekende muurschilderingen van Theofánis zijn te vinden in het Metéoraklooster Agios Nikólaos Anapafsás. Die van het katholikon dateren volgens het opschrift boven de ingang van de kerk uit 1527: (…) in de maand oktober op de twaalfde dag, geschilderd door Theofánis de Kretenzer Strelítzas Bathas. In mijn gids staat daarover te lezen:
 Daarna ging hij de berg Athos op om daar permanent te blijven, en hij schilderde daar de kloosterkerken Megísti Lávra en Stavronikíta.


Het verhaal over de muurschilderingen in de kloosterkerken lijkt wel duidelijk. In de wetenschappelijke wereld bestaat min of meer overeenstemming over de datering en de toewijzing aan Theofánis (en zijn atelier, leerlingen, navolgers).

Ikonen
Het toewijzen van ikonen aan Theofánis en ze dateren is minder gemakkelijk. Enerzijds komt dat doordat hij zijn werk (natuurlijk) niet of nauwelijks signeerde, anderzijds blijken ook zijn typische stijlkenmerken bij nadere beschouwing toch niet altijd zo eenduidig.



I.M. Stavronikíta, Laatste Avondmaal
Tot het einde van de jaren zestig van de twintigste eeuw waren er feitelijk geen ikonen van Theofánis bekend. Wetenschappers gingen (en gaan) er echter terecht van uit, dat hij ook ikonen moet hebben geschilderd en dat die alleen nog niet herkend waren. Maar toen de chronologie van zijn muurschilderwerk eenmaal in grote lijnen was vastgesteld, kon men ook proberen zijn ikonen te identificeren en te dateren.

De grote Griekse geleerde Manólis Chatzidákis († 1998) is de eerste geweest die aan Theofánis ikonen toekende, op stylistische gronden. Hij maakte een vergelijking tussen de muurschilderingen die algemeen aan Theofánis worden toegeschreven en ikonen. Chatzidákis meende dat de ikonen van de ikonostases van de kloosters Stavronikíta en Megístis Lávras, en de grote ikonen van het Protáton, de hoofdkerk op Athos in Kariés, van zijn hand waren. Met dat oordeel verrijkte hij het werk van Theofánis in één keer met ongeveer 45 ikonen.


Wat de tijd en stijl betreft heeft Chatzidákis in hoge mate gelijk: de ikonen kunnen gedateerd worden in de tijd dat Theofánis op Athos verbleef. Maar de vraag is: zijn de ikonen ook daadwerkelijk door Theofánis zelf geschilderd? Kun je dat eigenlijk wel vaststellen?


De baanbrekende publicatie zorgde al direct voor de nodige vragen. Critici wezen, op detailniveau, op verschillen in stijl en ook het vermelde aantal ikonen zou onduidelijk beschreven zijn. Zo hadden sommige ikonen van Theofánis’hand kunnen zijn, maar zouden ze precies die ‘theofánische’ kenmerken (heldere kleuren, fijnzinnigheid in het lijnenwerk, levendigheid in de afbeeldingen) missen. Toch suggereren ze Theofánis’nabijheid, daadwerkelijk of als grote inspirator.



Maar de kennis van de wetenschap groeit. In de jaren negentig wees Efthímios Tsigarídas, nu ere-hoogleraar voor christelijke archeologie en kunst aan de Aristoteles Universiteit van Thessaloníki, Theofánis meer ikonen op Athos toe. In de kloosters Ivíron, Pantokrátoros en Grigoríou zijn er volgens hem ikonen uit Theofánis’atelier. De Feestikonen van Ivíron waren te zien op de grote tentoonstelling in 1997 in Thessaloníki, naast die van Stavronikíta.

I.M. Stavronikíta, Geboorte van Christus

I.M. Stavronikíta, Pinksteren



















            Tsigarídas is bij mijn weten de eerste die stelselmatig de term ‘Theofánis en zijn atelier’gebruikt. Daarmee bedoelt hij Theofánis’ zonen en leerlingen, zoals bijvoorbeeld Zórzis. Aan hem wees Tsigarídas de eerder genoemde grote ikonen in het Protáton toe, en niet aan Theofánis (1542). Athanásios Paliouras (ere-hoogleraar van de Universiteit van Ioánnina) meende in 2006 echter, dat wel degelijk Theofánis de agiograaf was.


Zo bezien blijft het toeschrijven van ikonen aan één ikoonschilder een zaak van kennis en vertrouwen. De wetenschappelijke opvattingen kunnen uiteenlopen. Op mijn schriftelijke vragen over diverse discussiepunten in Theofánis’ werk en leven antwoordde Tsigarídas dat ‘vóór alles een antwoord op (vragen over) dit onderwerp pas gegeven kan worden na zeer diepgaand onderzoek en dat dat antwoord niet in een paar regels kan worden uitgedrukt’.

Ten slotte
Om terug te komen op ‘mijn’ Moeder Gods Odigítria-ikoon: Theofánis als enige hand lijkt niet honderd procent zeker. Tsigarídas zou zeggen: ‘Theofánis en zijn atelier’. Maar is dat erg? De vraag stellen is hem beantwoorden. Immers, de religieuze waarde van de ikoon verandert er niet door. Die blijft. Altijd.